September 2020. Ergens in Nederland.

12 januari 2016, door Jim Stolze

Ik word gewekt door Eva. In 2020 heeft iedereen een Virtual Assistant; de mijne heet Eva en klinkt als Sacha de Boer.

Eva heeft me een uurtje langer laten slapen. De sensoren in mijn bed hebben haar namelijk verteld dat ik een slechte nacht achter de rug heb. In een nanoseconde heeft Eva mijn agenda gecheckt en geconstateerd dat ik pas om 10.00 uur op mijn werk hoef te verschijnen. Genoeg tijd om me nog een uurtje in mijn smart bed te laten uitrusten.

In de badkamer poets ik mijn tanden met de Philips Connectooth. Een tandenborstel die realtime een scan van mijn gebit maakt en alvast via Eva een afspraak met mijn tandarts in de kalender zet.

Beneden drink ik een kop ouderwetse koffie en heeft Eva inmiddels de Uber voor laten rijden. Niemand heeft in 2020 nog een auto. Iedereen heeft een abonnement op mobiliteit. Uber is net als Spa Blauw een soortnaam geworden. Op basis van profielen en afstemming via virtual assistants zwerft er een vloot van zelfrijdende auto’s door de stad en is niemand meer te laat op zijn werk en worden wegennet en milieu minimaal belast.

De Uber zet mij af voor de ingang van het kantoorgebouw en zwerft door naar de volgende forens. De schuifdeuren van het kantoorgebouw gaan vanzelf open. De scanner boven de ingang heeft mijn gezicht herkend en stuurt direct een update naar de VA’s van mijn collega’s: “Jim is binnen en hij heeft slecht geslapen”.

Eva zit in mijn polshorloge (kan ook in mijn telefoon zijn, op mijn contactlens of in een ultraklein gehoorapparaatje, daar ben ik nog niet uit). Zij vertelt me dat ze een kamer op de 14e etage heeft geboekt. De lift is er al voordat ik op het knopje hoef te drukken.

Mijn collega’s hebben via ‘hun’ Eva het bericht ontvangen dat de meeting plaats zal vinden in kamer 14.4. Op basis van het aantal personen is de kamer alvast op temperatuur gebracht en wordt het licht vanzelf gedimd omdat we beginnen met twee presentaties.

In de kamer groet ik twee collega’s in het echt en zwaai ik naar drie andere via hun hologram. Op de tafel – voor hun lege stoel – ligt een klein apparaatje dat een levensechte projectie in de lucht projecteert, terwijl zijzelf elders op de wereld naar hun horloge of telefoon terugzwaaien.

Na de vergadering loodst Eva me naar een privéruimte. Het bureau en de stoel worden automatisch op de juiste hoogte afgesteld en op de muren verschijnen foto’s van mijn kinderen en blaast een onzichtbare ventilator de geur van mijn laatste vakantiebestemming in de ruimte. Een 3D-printer begint chocolade te printen omdat hij weet dat over vijf minuten mijn kop koffie binnen wordt gebracht.

Ach… werken in 2020 is zo slecht nog niet!

— Terug in 2015. Is deze droom ver weg? Is het sciencefiction? Ik denk het niet. Alle technieken en toepassingen bestaan al. Deloitte is met hun nieuwe kantoorgebouw The Edge in grote lijnen al zover. De vraag die overblijft, is: waarom ga je nog naar je werk? Als er zoveel tech is, kun je toch ook vanuit je huis werken? Dat zal nog moeten blijken. Ik denk dat het nieuwe werken niet is dat je thuis gaat werken. Ik denk dat het nieuwe werken betekent dat je je thuis voelt op je werk. Een klein verschil in woorden, een groot verschil in de praktijk.